Een gebouw met geschiedenis
De Hospitaalkapel staat op de plek waar in de 13de eeuw het Ninoofse hospitaal werd gesticht. Dit 'passantenhuis' bood onderdak aan zieken, pelgrims en reizigers. De oprichting gebeurde vermoedelijk door Maria van Perwez, vrouwe van Ninove, in 1268. De zorg werd toevertrouwd aan een kleine gemeenschap van hospitaalzusters.
Hun werking werd gefinancierd via het zogenaamde lepelrecht (1277): van elke zak graan die op de markt werd verhandeld, ging een maat naar het hospitaal. De Norbertijnen van de abdij zagen dat liever anders en vochten dit recht decennialang aan. Pas in 1782 werd het lepelrecht afgeschaft (tegen een forse vergoeding van 5.800 gulden).
Na de afschaffing van de religieuze ordes in 1797 verlieten de zusters voorgoed hun gebouwen. Slechts één getuige van die tijd bleef overeind: de huidige Hospitaalkapel, gebouwd in 1763 ter vervanging van de bouwvallige oude kapel.
Praktisch
Je kan de Hospitaalkapel gratis bezoeken tijdens de openingsuren van de dienst toerisme.




Architectuur en interieur
De classicistische voorgevel met barokke invloeden is opvallend elegant. Let op het torentje op het dak, de Lodewijk XIV-deuren, en het beeld van de Heilige Apollonia - patrones tegen tandpijn - boven de ingang.
Binnenin vind je een wit-gouden rococo-altaar met tabernakel, graftombe en engelen in aanbidding. Het geheel straalt lichtheid en verfijning uit, versterkt door de glasramen van Harold Van de Perre, de lambrisering en de schilderijen. In 1976 werd de kapel beschermd als monument.
Van hospitaal tot bezoekerscentrum
In 2016 werd de kapel ontwijd en in 2017 kreeg ze een nieuwe bestemming als toeristisch bezoekerscentrum. Je vindt er informatie over wandelingen, fietsroutes, gidsbeurten en publicaties over Ninove. De kapel verwelkomt ook pelgrims op weg naar Compostella.
Een extra reden om langs te komen: in de Hospitaalkapel wonen de stadsreuzen Doeken, Doeka, Geeraard, Sinte-Pieter, Bockstael en Hansken Den Belleman, samen met ezel Mandus.
