Geschiedenis, legendes en spotnamen

Ninove kent een rijk verleden: van nederzetting aan de Dender tot bruisende stad met elf deelgemeenten. Eeuwen van groei, rampspoed, nijverheid én sappige bijnamen maakten van Ninove de stad die ze vandaag is: trots, eigenzinnig en vol verhalen.

Geschiedenis

Van Neonefius tot Ninove

De naam Ninove kreeg pas in de 14de eeuw haar definitieve vorm. Eeuwen eerder heette de plaats Neonifius, later Ninive of Nineve, wat 'nieuw weiland' betekent.

De oudste sporen van bewoning dateren uit het Neolithicum (zo’n 10.000 jaar geleden). Rond het begin van onze tijdrekening was Ninove nog een kleine nederzetting bij de Nederwijk. Met de komst van de Merovingen in de 5de eeuw groeide ze uit tot een versterkt castrum.

Een stad op de grens

In de 11de eeuw kreeg de graaf van Vlaanderen het gebied tussen Schelde en Dender in handen. Ninove kwam zo op de grens te liggen tussen Vlaanderen en Brabant: een strategische positie.

De stad ontwikkelde zich tussen de burcht bij het huidige Paul De Montplein en de invloedrijke Norbertijnenabdij op de Coudenberg. Eeuwenlang speelde de abdij een belangrijke rol in de economie, met een bloeiende graanhandel en contacten met andere grote steden.

Vier stadspoorten gaven toegang tot de stad: de Brabantse poort, de Geraardsbergse poort, de Kloosterpoort en de Koepoort, de enige die de tand des tijds overleefde.

Rampen en heropleving

Van de 14de tot de 18de eeuw kreeg Ninove het zwaar te verduren: stadsbranden, oorlogen, pest en hongersnood troffen de stad herhaaldelijk. Toch krabbelde ze telkens weer recht. Rond 1750 brachten huisnijverheden als weven, spinnen en twijnen opnieuw leven in de brouwerij. Later volgden de eerste fabrieken, waaronder vooral de lucifernijverheid, die generaties Ninovieters werk bood.

Van stad tot groot Ninove

Sinds de fusie van 1977 vormen Ninove en haar elf deelgemeenten één stad. Vandaag telt Ninove meer dan 40.000 inwoners — mensen die trots zijn op hun verleden, gehecht aan hun dorpen en altijd klaar voor een goed verhaal.

De oudste, stoutste en wijste

In 1644 noemde geschiedschrijver Sanderus Ninove “de oudste, de stoutste en de wijste der steden”.

  • De oudste, omdat haar naam verwant is aan Nineve, de Bijbelse hoofdstad van Assyrië.
  • De stoutste, omdat ze volgens de legende haar poorten openhield voor de vijand.
  • De wijste, omdat haar verenigingen geen nar hadden, die leende men liever bij de buren.

Spotnamen en legendes

Elke stad heeft zijn verhalen, maar Ninove heeft er opvallend veel. Van de poortwachter die een wortel gebruikte als grendel en zo de Wortelkrabbers voortbracht, tot de Stekskesmannen uit de tijd van de luciferfabrieken.

Ook Ninoves deelgemeenten zoals Appelterre, Okegem, Pollare, Meerbeke dragen hun eigen bijnamen en anekdotes, vaak met een knipoog naar lokale gebruiken of oude legendes. Ontdek hun eigen karakter, hun eigen bijnaam en hun eigen verhaal

Naar top